Credo

På svenska

Wat en waarin ik geloof? Kort gezegd aan het vermogen en de verantwoord-ing van ieder mens om onze wereld beter en mooier te maken. Of, zoals de vrijdenker Bertrand Russell het uitdrukte in zijn drie maximes: "Liefde te geven en te ontvangen, te streven naar kennis en het lijden in de wereld te verminderen". Daarentegen geloof ik niet aan God en religieuze zienswijzen.

Ja, reeds als klein jochie vond ik dat ik geluk had dat ik geboren en getogen was in een gereformeerde familie. Niet alleen dat er altijd eten op tafel stond, dat ik een grote broer en een nog grotere zus had om te plagen J nee, we leerden in de kerk dat Jezus speciaal voor ons zondaren was gekruisigd en gestorven zodat wij, als we dit echt geloofden, zouden kunnen leven in eeuwigheid in het hiernamaals.

Twee maal naar de kerk op zondag werd later verzacht met: óf s’ochtends om 10 uur óf in de namiddag om 5 uur naar de kerk. Bijbellezen en bidden voor en na het eten was gebruikelijk bij ons thuis. Speciaal de verhalen uit het oude testament waren erg spannend en populair. Degene die ons geloof NIET deelden vonden we erg dom (in het beste geval) of slecht.

Als 14-jarigen gingen we naar de catechesatie een avond in de week. Moeilijke verklaringen over de zondeval, de drie-enigheid, het lijden van onze verlosser waarvoor we ontzettend dankbaar moesten zijn, enzovoorts. ”Belijdenis doen” was het sluitstuk van de christelijke opvoeding.

Als teener had ik het wel eens moeilijk met Josua in het oude testament. Ik las soms stiekum andere tekstgedeelten dan wat de dominee wilde dat we zouden lezen. Daaronder dus wat mij meer en meer ging dwarszitten voor de rest van m´n leven, namelijk dat God de opdracht gaf aan Josua om het ”beloofde land” met geweld te veroveren van de volken die daar oorspronkelijk woonden….. En, wat het nieuwe testament betrof, al die teksten waar Jesus eist (!) dat wij hem moeten liefhebben, anders…! Ja, anders wacht ons een gruwelijke straf na onze dood…..

Stel je voor dat iemand tegen je zegt: ”hou van mij of ik schiet je dood!” Nee, er was een heleboel wat niet klopte met ons geloof. Toch kon ik het niet weerstaan om belijdenis te doen. Was ik te onrijp om m’n eigen gevoelens te laten gelden? Was de ”druk” van m’n ouders en de gereformeerde omgeving te groot? Zoek het maar uit. Maar ik vond het maar het beste om geen kabaal te maken. En dit is het waar ik me tot en met vandaag nog diep voor schaam. Hiermee geen enkel kwaad woord gezegd over m’n ouders en overigen in onze gereformeerde kring. Zij deden alleen wat ze geloofden dat het beste was voor ons kinderen.

O ja, ik geloofde alles wat geloofd moest worden hoor! Bidden en kerkgang behoorden tot m’n vaste gewoontes. Maar was ik er gelukkig mee??? In Stockholm zocht ik me vanzelfsprekend naar de protestantse gemeente die daar maandelijks kerk had. Ik werd zelfs ouderling en schreef soms stukjes in het gemeenteblad. Op de bijbelkring, een maandelijkse discussiegroep met een tiental geïntresseerde kerkmensen en een intellektueel begaafde dominee werd het me langzaam aan duidelijk wat de inhoud van het christelijk geloof is. Daar in het ”seculaire” Zweden kreeg ik m’n eerste ernstige twijfelingen. Ik was inwoner bij een doorsnee zweedse familie die in ”niets” geloofden. Toch vond ik daar meer menselijkheid dan in de kerk.

Zo ging dat door enkele jaren. Totdat ik es naar de radio luisterde en daar meende een parodie te horen met psalmgezang die zo nadrukkelijk spottend werd opgevoerd dat ik kwaad werd. Het was in de zestiger jaren toen het populair was om de draak te steken met gelovigen en kerkgangers. Maar toen ik bleef luisteren werd het me op eens bewust…. Dit is geen spottende parodie maar echte gelovigen die hier ”onwetend” zichzelf belachelijk maakten, dat wil zeggen: ”in mijn oren!”. Daarmee werd ik me bewust dat ik eigenlijk al buiten deze geloofspraktijken stond.

Daarna kwamen een aantal jaren, twintig ongeveer, dat ik geen contact had, en ook niet behoefde te hebben met de kerkgemeenschap, omdat we in een andere stad woonden. Wel had ik interesse gekregen voor de critiek van de religies en begon de boeken van Ingemar Hedenius te lezen. Ik werd echter helemaal wakker toen onze dochter vroeg of ze mee zou doen met de zweedse “catechesatie” dwz: konfirmation (toen had de zweedse staatskerk nog vrije handen om binnen de scholen te propageren). Het werd me duidelijk dat: hier moest een alternatief zijn voor diegene die geen godsgeloof hebben. Daarvandaan dat ik contact zocht, en ook vond, in het Humanistische Verbond hier in Zweden. Klikt u maar eens op de link hier beneden en lees de text (van één van onze brochures van de HEF waar ik 15 jaar lang actief voor gewerkt heb) en over datgene waarin ik geloof en wat ik absoluut niet geloof.

Vele van mijn zweedse artikelen handelen over de onmogelijkheden en ongerijmdheden van het religieuze geloof. Misschien dat ik tijd krijg om dit alles te vertalen in het nederlands of dat het een verkorte vertolking wordt. Zo heb ik bijvoorbeeld enkele artikelen geschreven zoals: “57 Objections against christian ethics and theology”, “26 Points of criticism against the ethics of Jezus and view on mankind” och “17 Reasons to have a religion”. Helaas zijn deze en vele andere artikelen alleen in het zweeds te lezen maar zijn gemakkelijk te vinden op de website van de HEF, waar ik vele jaren zowel woordvoerder als ook redacteur was van ons blad ”Botulf-bladet”.

Wat betreft het laatst genoemde artikel, ”17 Reasons to have a religion” meen ik dat er heel wat begrijpelijke oorzaken zijn voor een religieus standpunt, maar die allemaal verklaart en terzijde gelegd kunnen worden voor allen die een humanistisch en atheistisch standpunt innemen.

Een groot deel van deze gedachten hangen natuurlijk samen met het Godsbegrip en de zuiver pseudo-wetenschappelijke verklaringen die door de zogenaamde theologie geleverd worden. Terwijl de astrologie of de theorien van Dänicken tenminste nog iets concreets ten berde kunnen brengen ondersheid zich de theologie van alle overige pseudo-wetenschappelijke richtingen dat ze totaal NIETS concreets heeft om over te speculeren, afgezien van oude texten zoals de Bijbel, Mormons boek of de Koran etc. De oorsprong van alle tienduizende soorten en varianten godsgeloof heeft uitsluitend z’n grond in de vrees voor de dood en de behoefte een irrationele en niet-wetenschappelijke ”verklaring” van ons bestaan te formuleren.

Het ”teodicé-probleem” heeft van oudsher een deel onrust verspreid onder de (goed)-gelovigen en twijfelaars. Een god die almachtig en algoed is, kan die werkelijk verantwoordelijk zijn voor de tsunami en andere catastrofen? Een aantal vrolijke theologen hebben dan ook vroeger al verklaard dat God is wel goed maar niet almachtig. Oké. Maar kan dan een niet-almachtige god het universum geschapen hebben? En wat of wie is de schepper van God? Ja, de mens natuurlijk, wie anders?

Maar er zijn veel betere verklaringen die het godsgeloof ongeloofbaar maken zoals geformuleerd is door Filip Björner, onze huidige redacteur van het Botulf-blad. Hij verklaart in een syllogisme: 1) Alles wat bestaat is begrenst. 2) God is onbegrenst. 3) Daarom kan God niet bestaan. Nu zal ik hier niet dieper ingaan op deze verklaring. Dat hoop ik later eens grondiger te behandelen. Ook zal ik nu niet uitwijden over alle godsdienstconflicten zowel in de privésfeer als in het groot, of over de waan en onzin van het creationisme waarmee men probeert de methodes van wetenschappelijk onderzoek in twijfel te trekken.

 

C. Vos

Ga naar de: HEF-brochure-tekst  

Ga naar: Christiaans persoonlijke site.